Financiering & Leasing

Regeling fiets van de zaak wordt eenvoudiger

De Rijksoverheid vereenvoudigt per 1 januari 2020 de regels voor de fiets van de zaak. Uitgangspunt wordt een bijtelling van 7 procent van de consumentenadviesprijs. Ferdi Ertekin, commercieel directeur bij Gazelle, legt uit hoe je eenvoudig over kunt gaan op de nieuwe situatie.

De elektrische fiets en de speed pedelec zijn met een grote opmars bezig in het woon-werkverkeer. “Daarmee kun je 20 kilometer van je werk wonen, maar met trapondersteuning toch op de fiets naar het werk gaan.” En dat doen nogal wat forenzen, waardoor de fiets van de zaak ongekend populair is. Ook omdat gemeenten – vaak brede – snelfietspaden aanleggen. Medewerkers zijn in no time op hun werk. Maar hoe regel je het als werkgever?

Vier mogelijkheden voor bedrijfsfiets tot 1 januari 2020

Tot 1 januari 2020 zijn er vier mogelijkheden om die fiets van de zaak, al dan niet elektrisch, mogelijk te maken.

1. De werkgever koopt of leaset de fiets, waarbij de werknemer zijn privékilometers bijhoudt.

2. Als werkgever kun je de werkkostenregeling aanspreken, maar dan verminder je de ruimte voor andere zaken in de WKR zoals het bedrijfsfeest.

3. Je stelt een mobiliteitsbudget ter beschikking aan de medewerker en de werknemer schaft de fiets aan via private lease. Ook dan moet je de kilometers, ditmaal zakelijke, in een bestand bijhouden.

4. Een mix is ook mogelijk. Als werkgever lease je een fiets voor je werknemer, maar je verrekent de bedragen voor de lease met de kilometervergoeding van 19 eurocent die je werknemer krijgt voor het woon-werkverkeer.

Anticiperen op de nieuwe regeling

Omdat je als werkgever overgaat naar een nieuwe situatie, is het handig daar alvast op te anticiperen als dat kan. “Daarbij is mogelijkheid vier erg handig”, vertelt Ertekin. “Deze ligt namelijk het dichtst bij de regeling die per 1 januari 2020 ingaat.” Dan geldt er, in plaats van vier, nog maar één mogelijkheid. Het Rijk gaat dan bij een fiets van de zaak uit van een bijtelling van 7 procent van de consumentenadviesprijs, oftewel de oorspronkelijke nieuwwaarde van de fiets. “Deze manier van berekenen is aanmerkelijk eenvoudiger. De administratie van het leasen van een fiets sluit zo aan bij die van het leasen van een auto van de zaak.”

Rekensom als voorbeeld

De Rijksoverheid kwam tijdens de presentatie van de plannen met een rekensom als voorbeeld. Daphne heeft een inkomen van 35.000 euro. Ze krijgt van haar werkgever een fiets in gebruik ter waarde van 2.000 euro. Per jaar is de bijtelling hiervoor 140 euro. Voor de fiets betaalt ze op jaarbasis 59 euro aan belasting. Dat is dus minder dan 5 euro per maand. Voor de duidelijkheid: deze bijtelling geldt dus alleen voor werknemers die hun fiets van de zaak ook privé gebruiken. Bijvoorbeeld voor het doen van boodschappen of het ophalen van de kinderen.

Combinatie leasefiets en leaseauto

Ertekin verwacht dat werkgevers, na invoering van de nieuwe regeling, meer gebruikmaken van de combinatie van een leaseauto en een leasefiets. “Dat klinkt uitermate luxe, maar hiermee speel je in op de mobiliteitsbehoefte. Je kunt met de fiets naar de zaak komen en de auto voor een afspraak verder weg pakken. Of andersom, als jouw werknemer verder van het werk woont: met de auto naar de zaak om vervolgens regionaal op locatie de fiets te pakken. Maar denk ook aan een verkoper die drie dagen in de week door het land op pad is met de auto, maar twee dagen de fiets naar kantoor kan pakken. Handige combinaties zijn mogelijk. Dat is het prettige van deze vereenvoudigde regeling.” Voordeel is ook dat werkgevers de milieu-impact van het bedrijf verminderen en de gezondheid van hun medewerkers bevorderen. “Ook dat kun je meewegen.”

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief